veelvoorkomende handklachten
Hieronder de klachten die het vaakst voorkomen, met de plek waar u verder leest. Herkent u iets, klik dan door: op die pagina’s staat de klacht uitgebreid beschreven. Weet u niet zeker wat u heeft, laat het dan vaststellen door een zorgverlener.
duimbasisartrose
Dit is de klacht waarmee de meeste mensen bij ons komen als het om de duim gaat. Het gaat om artrose in het duimzadelgewricht, het gewricht onderaan de duim waarmee u knijpt en draait. In vaktermen heet dat CMC-1 artrose of rhizartrose.
U merkt het bij precies die handelingen waarvoor u kracht met uw duim zet: een fles of pot opendraaien, een sleutel omdraaien, knijpen in een tube, of lang schrijven. Vaak is de plek onderaan de duim gevoelig bij aanraking, en na een drukke dag blijft het zeuren.
Bij deze klacht wordt een duimbrace gebruikt die het duimzadelgewricht stabiliseert en de duim in een bruikbare stand houdt, zodat u kunt blijven grijpen terwijl het gewricht minder ver doorbeweegt. Er zijn modellen die alleen de duim ondersteunen en modellen die ook om de pols lopen; bij steviger ondersteuning kijkt u bij de duimspalk of bij de polsbrace bij artrose van de duim. Achtergrond leest u bij artrose van de duim en rhizartrose. Voelt de duim vooral onstabiel, kijk dan bij duimbasis-instabiliteit.
reuma aan hand en vingers
Reuma is een ontstekingsziekte en vraagt medische behandeling; een brace is daarbij hooguit ondersteuning. Klachten uiten zich als pijn, stijfheid en zwelling, vaak aan beide handen en vaak het hevigst in de ochtend. Wat u kunt doen aan belasting verschilt sterk per persoon en per periode, want reuma kent rustige en actieve fases.
Een handbrace of duimbrace wordt gebruikt om een gewricht te ontlasten bij dagelijkse handelingen, en veel mensen vinden warmte prettig. Bespreek het gebruik met uw arts of reumatoloog: die weet in welke fase u zit en waar ondersteuning wel of juist niet past. Meer leest u bij reumatoïde artritis aan hand of pols en artritis van de duim.
triggervinger en triggerduim
Bij een triggervinger schiet een vinger schokkerig omhoog bij het strekken, of blijft hij even haken en klikt dan los. Dat komt doordat de buigpees moeizaam door zijn peesschede glijdt, meestal door een verdikking of irritatie. Vaak is het ’s ochtends het duidelijkst.
Een vingerspalk of ondersteuning uit het handbrace-assortiment begrenst de buigbeweging, waardoor de pees minder wordt aangesproken tijdens dagelijks gebruik. Hoe lang en hoeveel u de vinger moet ontzien, verschilt per situatie: dat bespreekt u met uw huisarts of handtherapeut. Meer over deze klacht leest u bij triggervinger en springvinger. Gaat het om een peesontsteking zonder klikken, kijk dan bij tendinitis en tendovaginitis of bij de ziekte van De Quervain aan de duimzijde van de pols.
artrose in de vingergewrichten
Ook de kleinere vingergewrichten kunnen artrose krijgen. Dat geeft stijfheid, pijn bij belasting en soms zichtbare verdikkingen aan de gewrichten. Voor de fijne motoriek is dat hinderlijk: knopen, ritsen en het vastpakken van kleine voorwerpen gaan minder makkelijk. Ondersteuning richt zich hier vooral op het ontlasten van de gewrichten tijdens taken die kracht vragen; meer leest u bij artrose aan de hand.
Heeft u een acute klacht na een val of een verstuiking, bijvoorbeeld een skiduim, kijk dan bij handblessures en duimblessures.